Dossiers > Dossier overzicht > Scholing > Algemeen

O&O-fondsen en sociale fondsen

Binnen een aantal sectoren bestaan O&O-fondsen, of sociale fondsen, en kenniscentra. U kunt als werknemer te maken krijgen met een O&O-fonds wanneer u een opleiding wilt gaan doen.

Een O&O-fonds kan voor een individuele werknemer zorgen voor:

·         Financiering van een opleiding (geheel of gedeeltelijk);

·        Een overzicht van opleidingen die bekostigd worden en die vakinhoudelijk relevant zijn voor de betreffende sector.

 

U als werknemer draagt bij aan een opleidingsfonds. Er gaat namelijk een percentage van de loonsom naar het fonds. In de CAO is een afspraak gemaakt over de hoogte van dat percentage. Omdat u een bijdrage levert, is het goed als u er ook de vruchten van plukt en af en toe eens een opleiding volgt dat gefinancierd wordt door datzelfde fonds.

In een aantal fondsen en door de meeste werkgever worden er vooral opleidingen aangeboden die nauw aansluiten op uw huidige functie. Maar er zijn natuurlijk meer en andere mogelijkheden, bijvoorbeeld opleidingen die u verder kunnen helpen om een andere functie te gaan uitvoeren bij uw huidige werkgever. Misschien is er ook wel de mogelijkheid om eens te praten met een loopbaanadviseur en door te spreken wat voor u verder geschikt is, wat uw wensen zijn. Misschien wilt u wel ergens anders gaan werken en heeft u daar een opleiding voor nodig. Dit laatste kan bijvoorbeeld heel nuttig zijn als er minder werk komt in uw sector of bedrijf of wanneer uw werk fysiek erg zwaar is en u uzelf dit over 5 jaar niet meer met plezier ziet doen.

Misschien heeft u in de afgelopen jaren wel veel kennis en ervaring opgedaan die niet erkend is met een diploma. Dan kunt u een EVC traject via het opleidingsfonds gaan doen. En een met een extra diploma heeft u weer een betere positie tegenover uw werkgever.

Voor sociale fondsen geld veelal hetzelfde als voor O&O-fondsen alleen regelen zij meer dan scholing alleen.

Als FNV Bondgenoten hebben wij plaats in de besturen van de fondsen. Wij vinden dit een belangrijke plaats om arbeidsmarkt en scholingszaken te regelen voor onze leden. Het komende jaar willen wij aandacht besteden aan een aantal zaken, voor zover die nog niet goed geregeld zijn binnen het fonds:

 

·         het centraal stellen van de werknemers i.p.v. de werkgevers. Tot nu toe is de investering in opleidingen van werknemers meestal functiegericht en branches­pecifiek. Er wordt sterk vanuit de werkgever gedacht. De werknemer zou echter centraler moeten komen te staan. Wanneer de werknemer centraal staat, staat ook het verhogen van zijn inzicht en betrokkenheid bij de eigen loopbaan centraal;

·         bovenop het functiegericht scholen (=bestaansrecht fonds) meer employability­gerichte scholing aanbieden aan individuele werknemers. Opleidingen promoten die de werkzekerheid van werknemers verhoogt: meer aandacht naar het verhogen van de employability, en daarmee de werkzekerheid, van werknemers;

·         meer aandacht hebben voor het opleiden voor de regionale (intersectorale) arbeidsmarkt naast de (landelijke) sectorale arbeidsmarkt, bijvoorbeeld door samen te werken met andere fondsen;

·         komen tot structurele scholings- of informatiedagen. Promoten de Persoonlijke Ontwikkeling Rekening (POR) of Individuele Leerrekening (ILR) of welke naam daar aan gegeven wordt. Uit experimenten met de POR blijkt dat werknemers meer betrokken zijn bij hun eigen ontwikkeling en het daarmee meer als hun eigen verantwoordelijkheid zien.;

·         promoten van EVC. Het verhogen van de (eigen)waarde van een werknemer, en daarmee het durven komen met nieuwe ideeën, kan bijvoorbeeld bevorderd worden met de Erkenning van eerder Verworven Competenties (EVC). Dit helpt tevens die medewerkers die nog geen startkwalificatie hebben om aan een goed diploma te komen op een relatief eenvoudige wijze.;

·         innovatieve opleidingen initiëren en promoten. Dit draagt bij aan het bereiken van maximale kennisproductie van de gehele branche.

In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat de opleidingen een meer herkenbare bijdrage moeten leveren aan de employability van de werknemer.